Adem in
stilte
in,
adem uit
volle borst
uit.
tekst – communicatie – creatie – project
of lees hieronder wat uit ‘Bundel’:
Ik heb ergens nog iets,
waarvan ik niet meer weet
wat ’t ook weer was.
Maar het was iets,
zo mooi en fijn en voor mij
zo groot en zo voor mij,
dat ik het soms nog zoek.
Ik zoek en denk
aan hoe het was
en waar het
nu zou zijn,
maar vind het niet.
Wie me helpen kan, ben jij.
Want jij vindt het vast,
in mij.
Ik kan niet slapen. Bij het open raam kijk ik naar het donker.
Toch moet de slaap er zijn, want ik zie mezelf staan.
Met niet al te heldere ogen zie ik mijn houding die de kou verraadt.
Ik luister hoe mijn stem zegt: “In de verte rijdt een trein.”
Ik zeg het tegen niemand, misschien praat ik tegen mij.
En in de verte rijdt een trein voorbij.
ik loop graag buiten als het na lang weer regent
niet om te luisteren naar het samenspattende ruisen van duizenden druppels
niet om te kijken naar de vallende strepen die kletterend breken op de straat
niet om te proeven van het ijzerzure water dat van het gezicht op lippen rolt
niet om te voelen hoe het hoofd gekoeld wordt en het vocht de haren jeukt
ik loop graag buiten als het na lang weer regent
om te ruiken hoe het stof van lange dagen nog even opstuift en dan weg is
en hoe de lucht gevuld wordt met de geur van zomeravond onbezorgdheid